Taal: English

Historie

Uit het verleden van het bedrijf A. de Jong B.V. is weinig bewaard gebleven. Toch is globaal bekend hoe het bedrijf zich ontwikkelde door de jaren heen.
In 1877 verkreeg Albert de Jong (geboren in 1854) een gedeelte van een al sinds lange tijd bestaande scheepstimmerwerf aan de Torenstraat te Scheveningen in zijn bezit. In die tijd bouwde men in Scheveningen platbodem vissersvaartuigen, de zogenaamde bomschuiten, die op het strand konden laden en lossen. De bouw van een bomschuit nam ongeveer acht à tien weken in beslag, ongeveer vijf per jaar. Tot 1895 werden er bij De Jong ongeveer zeventig gebouwd.

In 1882 begon A. de Jong eveneens een rederij die uitgroeide tot een vloot van vijftien schepen in 1917. Tijdens de grote storm van 1894 werd een groot gedeelte van de Scheveningse bommenvloot vernield. Scheveningen had dringend een haven nodig en kreeg deze in 1904. Nieuwe bomschuiten had men toen niet meer nodig. De Jong voorzag de komst van een haven in Scheveningen en daarmee het einde van de bomschuiten.
 
Al in 1895 had de heer De Jong een Vlaardingse scheepswerf overgenomen om stalen loggers te bouwen. In 1914, 1928 en 1935 werden eveneens scheepswerven te Vlaardingen aangekocht. De oprichter had een goede kijk op de dingen. Van de vier Scheveningse bommenwerven was A. de Jong de enige die het voortbestaan van het bedrijf wist te verzekeren. Naast het overschakelen van bomschuiten op loggers begon het bedrijf met het vervaardigen van stoomspillen voor het binnenhalen van de drijfnetten. Deze werden in eigen bedrijf vervaardigd. De capaciteit van de werf werd uitgebreid in de dagen dat de visserij een bloeitijd doormaakte. De Jong richtte nog een rederij op. Met vijftien loggers in de vaart had men alleen aan bemanning al ruim tweehonderdtwintig "koppen" nodig, Het bedrijf werd in die tijd een soort "one stop shopping" onderneming voor de visserij. Overigens is de stalen logger "BALDER" die heden ten dage voor de ingang van het Visserij Museum te Vlaardingen ligt, ook bij ons bedrijf ontworpen en vervaardigd. Men pakte van alles aan, nieuwe wegen werden bewandeld. Het bedrijf was niet meer alleen actief in de scheepvaart. Er werden de meest branchevreemde producten ontworpen waaronder een vliegtuig, een sprekende klok (te bezichtigen in het Teyler Museum te Haarlem) en een wasmachine! Luchtverhitters en stookinstallaties deden hun intreden als serieuze producten waarvan de laatsten nu nog steeds tot het leveringsprogramma behoren van het bedrijf.

In 1955 werd een nevenvestiging in Schiedam opgezet met een machinefabriek en constructiewerkplaats. Als einde jaren vijftig in Nederland het aardgas beschikbaar komt worden gasbranders voor industriële toepassingen met succes ontworpen en gefabriceerd. Begin jaren zestig wordt een afdeling begonnen voor de productie en installatie van verwarmingsinstallaties en luchtbehandelingkasten voor de utiliteitsbouw. Deze installatieafdeling is heden ten dage nog steeds actief zij het dat er geen eigen apparaten meer worden gemaakt. Een goede keuze gezien de moordende concurrentie tussen leveranciers onderling.

In 1973 wordt, onder de naam De Jong-Coen B.V. een samenwerkingsovereenkomst gesloten met Coen Company uit de Verenigde Staten waardoor het leveringsprogramma van de afdeling industriële brandertechniek aanzienlijk wordt versterkt. Dit is een cruciale samenwerking geworden. Men mag gerust stellen dat zonder deze overeenkomst de  overlevingskans in dit productgebied klein was geweest. Anno 2010 is de samenwerking nog steeds van kracht.

De scheepswerf werd in 1974 afgestoten. Deze markt is verstikt en de opkoper (Boele) gaat binnen enkele jaren failliet.

In 1976 verhuist het bedrijf met al haar productgroepen naar een locatie in de 's-Gravelandsepolder te Schiedam. De onderneming heeft nu nog een viertal bedrijven (zes business units) die zich begeven op het gebied van milieu- en energietechniek.
Uit bovenstaande blijkt dat de A. de Jong Groep zich in het verleden steeds op tijd heeft aangepast aan veranderende omstandigheden. Op veel kleinere schaal lijkt dit overeen te komen met een concern als SHV, 's lands grootste familiebedrijf. Begonnen als kolenhandelsonderneming overgestapt op Makro winkels en energie. Het bedrijf lijkt zich telkens door verandering van activiteiten te reïncarneren. Wanneer het eens zo onbetreden marktsegment vol raakt verandert het bedrijf van gedaante en begint een nieuw leven. Het blijkt dat elk bedrijf in haar bestaan eens in de zoveel jaren beslissingen moet nemen die zeer ingrijpend zijn. Stoppen of doorgaan in een andere vorm of met een ander product. Bij De Jong zijn in het verleden goede strategische beslissingen genomen. Het overstappen op stalen loggers aan het begin van de twintigste eeuw, het samenwerkingsverband met het Amerikaanse bedrijf, het afstoten van de scheepswerf in de jaren zeventig getuigen hiervan. Ons bedrijf behoort tot de ruim driehonderd oudste bedrijven van ons land. Met elkaar streven we ernaar om de onderneming nog ouder te laten worden.